Missionarissen van Afrika.
(witte zusters en witte paters)
(NL).

Pater Jan van Haandel overleden.

woensdag 18 maart 2020 door Webmaster
In medeleven en dankbare herinnering
delen wij U mede dat

Jan van Haandel


Johannes Maria
Missionaris van Afrika - Witte Pater,

op 12 maart 2020 is overleden.



Jan werd geboren op 7 januari 1931 te Bergharen. Om missionaris te worden volgde hij de opleiding in onze vormings-huizen van Sterksel, St. Charles bij Boxtel, ’s-Heerenberg en Thibar in Tunesië. In Thibar verbond hij zich op 26 juni 1957 door een missionariseed aan onze Sociëteit. Op 3 februari 1958 werd hij in Carthago (Tune-sië) priester gewijd.

Jan had een gezond oordeel, was optimistisch van aard en praktisch aangelegd. Hij was een gestage werker en doorzetter, langzaam maar zeker, met aandacht voor detail, maar wel van dag tot dag, zonder vooruit te plannen. Hij was goed van hart, steeds
bereid een dienst te verlenen, en een gezellige causeur die wel openhartig zei wat hij dacht. Hij was ook bekend om zijn grote eenvoud.

Op 22 november 1958 vertrok Jan naar Mali in West Afrika waar hij terecht kwam in de

parochie Karangasso van het bisdom Sikasso. Hij leerde er de Minyanka taal en cultuur en begon aan het pastorale werk. Mali is 33 keer zo groot als Nederland en telde toen 7 miljoen inwoners, van wie maar 1% Christen (katholiek en protestant). Toen Jan in Karangasso aankwam, waren de Witte Paters daar al 23 jaar aan het werk en hadden ze in al die jaren slechts 53 volwassenen gedoopt. In 1960 kon hij 19 volwassenen dopen, en voor het jaar daarop rekende hij op 25. Jan stond er om bekend dat hij zijn onderrichtingen en preken zeer zorgvuldig voorbereidde. Iedere week bezocht hij 6 kerkdorpen en 2 lagere scholen.

Jan was inderdaad een gestage werker!! Aanvankelijk had de parochie 3 catechisten en 7 hulpcatechisten, maar al gauw bleven er daarvan respectievelijk maar 2 en 1 over. Nieuwe kandidaten vinden om tot catechist op te leiden was erg moeilijk. Jan schreef in december 1960: “Het missiewerk hier is nog steeds ploegen en zaaien, met de hoop en het vertrouwen dat anderen zullen komen oogsten”.

In de loop van 1961 begon Jan zich ook erg verdienstelijk te maken voor de omliggende parochies door het typen in de Minyanka taal van de Bijbel en van teksten voor de eredienst.
Tijdens zijn verlof in Nederland in 1963 nam hij de tijd om de vertaalde teksten van het Oude en Nieuwe Testament op volgorde te leggen en te stencilen! Dat was zeker ook een werk van precisie en doorzetten.
Tussen 1965 en 1980 was Jan in andere parochies van het bisdom Sikasso: Boura, Koutiala en in de kathedraal in Sikasso zelf. Hij leerde toen de Bobo taal, en later ook nog de Bambara taal. In september 1976 schreef hij: “Ik maak het prima. Er is veel werk, want behalve dat het schooljaar volgende week begint, zijn we druk bezig met het voorbereiden van de wijding van Mgr. Jean-Marie Cissé, onze nieuwe bisschop”. Deze was de eerste inheemse bisschop van Sikasso. De regionale overste typeerde Jan in mei 1977 als volgt: “Iemand met een onbegrensde goedheid, met een welkom vol persoonlijke aandacht voor iedereen die komt”. Dat was tevens ook zijn beperking, want de rest van het werk bleef dan liggen.

Jan had inmiddels zijn gave ontdekt voor het vinden van wateraders met behulp van een wichelroede en pendulum. Zo konden er vele goede putten gegraven worden (niet alleen voor katholieken uiteraard!), een ware zegen in dat Sahelgebied, vooral tijdens de grote droogteperiode in de zeventiger jaren. Op de vraag: Hoe krijg je zo’n “toverkracht”, antwoordde hij: “Door het gewoon te proberen, en dan veel oefenen, met mensen praten die de situatie kennen, en er veel over na denken”. En met mensen praten deed hij zeker graag. Men deed dan ook vaak een beroep op hem en Jan kon geen ’nee’ zeggen; maar dit zoeken naar water putte hem wel uit. In het jaar 2010 ging hij tussen Nieuwjaar en Pasen nog op 12 plaatsen water zoeken; de verste plaats was vijf uur rijden met de auto. Overal waar hij werkte vond hij wel iemand aan wie hij dit kon aanleren, behalve in de stad Bamako.

In 1980 kwam Jan naar Nederland voor een maagoperatie. De operatie slaagde maar had wel tot gevolg dat Jan voortaan langzaam en met kleine beetjes moest eten. Om daarna goed uit te rusten nam hij een sabbatjaar dat hij in Parijs doorbracht om een cursus te volgen waarin hij nog meer vaardigheden opdeed voor zijn pastorale werk.

Na zijn terugkeer in 1981 werd Jan in het bisdom Bamako benoemd. In de hoofdstad waren er meer mogelijkheden voor goede medische controle. Hij werkte één jaar in de kathedrale parochie en later in een buitenwijk, een parochie met 16 wijken en 250.000 inwoners (1/3 van de hele stad). Van 1993 tot 1997 werkte hij in de parochie Bajalan, en daarna vele jaren in de parochie Korofina, beiden ook in Bamako. Bij zijn gouden jubileum in februari 2008 stroomde de kerk van Korofina vol en stonden er ook mensen buiten voor de open deuren. Jan straalde; het kerkkoor van 30 personen had een T-shirt laten maken met een grote foto van Jan erop, zodat “30 paters Jan” je aankeken. In Bamako was Jan het meest bekend onder zijn koosnaam “tyèkoro ba” (de oude wijze man). Samen met zijn medebroeders slaagde Jan erin om goed georganiseerde gemeenschappen op te bouwen, met leken verantwoordelijken die actief en dynamisch waren.

Naast zijn pastorale werk zette Jan een alfabetiseringsprogramma voor meisjes op. Zijn motto was steeds: “Doe iets samen met de bewoners zodat zij zelf verder kunnen, ook wanneer ik er niet meer ben”. Een ander motto was: “De onbekwame wordt bekwaam door te oefenen!” Jan schreef in 2004: “Sinds 1958 ben ik in Mali, en daar ben ik nog steeds gelukkig mee”. Als erkenning van zijn inzet werd hij op 30 april 2005 benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau.

In 2009 verhuisde Jan naar het Gastenhuis van de Witte Paters in hetzelfde Korofina. Jan was een gezellige gastheer, steeds te vinden voor een praatje. Per maand kwamen er 25 of meer personen logeren, soms meerderen tegelijkertijd. Daarover schreef hij in 2010: “De telefoontjes komen van overal in de wereld. De laptop is mijn geheugen”. Geregeld kwamen er ook mensen om hulp vragen: migranten, zieken, mensen die honger leden en studenten die moeite hadden hun schoolgeld te voldoen.

In het voorjaar van 2013 keerde Jan voorgoed terug naar Nederland en nam hij zijn intrek in St. Charles in Heythuysen. Hij hield er van om te vertellen van zijn wederwaardigheden in Mali en in zijn geboortestreek. Hij was steeds bereid een ander te helpen, bijvoorbeeld door iemand voort te duwen die in een rolstoel zat. Eind 2018 belandde hij zelf in een rolstoel. In de loop van het jaar 2019 werd zijn gezondheid steeds zwakker, maar hij bleef deelnemen aan de activiteiten van de gemeenschap. Op donderdag 12 maart 2020 was hij nog bij het vespergebed en bij de avondboterham. Terwijl hij aan tafel zat blies hij rustig zijn laatste adem uit.

Het aspect van Jezus wat hij, zijn hele leven overziend, vooral beleefde was:
“Wie het water drinkt dat ik hem geef ...
dat zal als een bron in hem worden.”

Joh. 4, 14

Op donderdag 19 maart 2020 zullen we afscheid nemen van Pater Jan van Haandel in Huize St. Charles in Heythuysen en hem op het kerkhof aldaar ter ruste leggen.

Vanwege bijzondere maatregelen i.v.m. het coronavirus hebben we moeten besluiten om dit afscheid in heel besloten kring te laten plaatsvinden. Op een later tijdstip zal er een herdenkingsdienst zijn om dan samen afscheid te nemen van Jan en dank te zeggen voor zijn missionarisleven. U zult daar t.z.t. een uitnodiging voor ontvangen.

Namens de familie

Riky Muselaers-van Haandel
Pentelstraat 21
5469 BG Erp

Namens de Witte Paters

Jozef de Bekker
Op de Bos 2
6093 NC Heythuysen


Homepagina | Contact | Overzicht van de site | | Statistieken van de site | Bezoekers : 404 / 324552

De activiteit van de site opvolgen nl  De activiteit van de site opvolgen Onze overledenen  De activiteit van de site opvolgen Jaar 2020.   ?

Site gebouwd met SPIP 3.2.4 + AHUNTSIC

Creative Commons License